De Zieners – Toekomstvisioenen

In De Zieners volg ik drie visionaire denkers en dromers die zich tijdens het Europese interbellum transformeren tot mystieke toekomstvoorspellers: zij zijn de Nederlandse utopist Frederik van Eeden (1860-1932), de Duitse mystieke filosoof Erich Gutkind (1877-1965) en de Bosnische goeroe Dimitrije Mitrinovic (1887-1953).

Hun ideeën en levens raken met elkaar in aanraking voor en tijdens de Eerste Wereldoorlog, op de kruispunten van de Europese cultuur in Potsdam, München en Londen. Ideeën als Europese eenwording, de stichting van de staat Israel en wereldwijde samenwerking voor vrede en veiligheid zijn dan nog buitengewoon vaag.

Maar deze drie intellectuelen uit verschillende hoeken van Europa, doen een poging daar verandering in te brengen. Aanvankelijk beginnen Van Eeden en Gutkind een soort Bloedbond van Grote Geesten (“Koninklijke Geesten”, in hun eigen woorden) die vorm en inhoud moeten geven aan de Europese integratie, zowel op cultureel als geestelijk gebied. Zij vinden aansluiting bij bijvoorbeeld de anarchist Gustav Landauer, de filosoof Martin Buber en de Nederlandse wiskundige L.E.J. Brouwer. De Eerste Wereldoorlog gooit echter roet in het eten en de groep valt uiteen. De interesse verschuift van politieke en filosofische thema’s naar kunst, muziek en religie. De Russische avantgardistische schilder Kandinsky, een vriend van Gutkind, nodigt de stormachtig denkende Serviër Dimitrije Mitrinovic uit in München om zijn ideeën over de Europese toekomst te delen. Na de Tweede Wereldoorlog blijven de Duitser en de Serviër nog actief in New York en Londen, maar hun toekomstvisioenen zijn dan al van gisteren.

Langs de levenslijnen van deze zieners lezen we het verhaal van de couveuse van het naoorlogse Europa. Het boek leest zo als een alternatieve geschiedenis van de vroege twintigste eeuw, toen ‘het grote denken’ nog niet vanzelfsprekend verdacht en ongemakkelijk was.

Gustav-Landauer
Gustav Landauer